De eerste keer

Ik heb een gestaag verlangen naar eerste keren. Tweede, die ook, omdat onder alle overweldigende ervaringen soms prachtige details schuilgaan die zich pas bij een tweede keer willen manifesteren.
Ik kan me nog herinneren hoe vroeger iedere dag wel een eerste keer bezat. Soms zelfs meerdere. En ik weet nog dat het voelde alsof de tijd als een elastische streng kauwgom eindeloos werd uitgerekt, tot ik slaperig en voldaan weer bij zinnen kwam en de wereld aanschouwde in al zijn realisme en gewoonheid. Eerste keren maken een werkelijkheid die los staat van tijd. Eentje waar je geruisloos in op mag gaan. Eentje die ik vele volwassenen uitputtend zie nastreven, of vermijden.
Ik weet nog hoe dat was als kind, en hoe het uiteindelijk verdween, tot er weinig meer overbleef dan een trage opeenstapeling van herhalingen. Knip ik weer het knopje van het koffiezetapparaat aan. Sta ik weer met die tandenborstel in mijn hand in de spiegel te staren. Fluister ik mezelf weer de belofte toe van meer sporten in het nieuwe jaar. Meer liefhebben, dat ook. Fiets ik weer die route naar mijn werk. Strik ik weer die veters. Het is niet dat ik geloof dat eerste keren altijd mooi zijn. Laat staan prettig. Maar er valt over het algemeen tenminste nog wat te verwonderen.
Godfried Bomans schrijft daar een aardig stukje over in ‘Mijmeringen’. Over hoe het toch kan dat de tijd kruipt wanneer je een kind bent, maar steeds sneller lijkt te gaan naarmate je ouder wordt. Hij schrijft: ‘een kind ziet en ervaart vrijwel alles voor het eerst. Elke belevenis is daardoor een sensatie. Een volwassenen leeft repeterend. Het meeste van wat hij doet en denkt heeft hij al eerder gedacht en gedaan.’ Dat laatste moet je maar net kunnen verdragen.
“En daarom wil ik geen kinderen.” zei mijn vriend volmondig, terwijl hij nog eens comfortabel achteroverleunde in de kussens van mijn bank. Het was avond. De kat lag te spinnen op de bankleuning. Buiten was het volmaakt stil, binnen waren er enkel overdenkingen.
“Dat je dan iedere avond weer moet zeggen: ‘nog één hapje, anders krijg je geen toetje.’ Dat je dat dan tot in de oneindigheid moet herhalen! Ik word al gek als ik me realiseer dat ik weer mijn tijd sta te verdoen tijdens het tandenpoetsen.”
Ik knikte instemmend, en begrijpend, hoewel ik niet instemde of volledig begreep. Juist binnen de herhaling vind ik rust, en alleen binnen die rust kan het verlangen naar eerste keren groeien en vorm krijgen.
Over dit alles denk ik na. Over Godfried, over mijn vriend en zijn weerzin tegen routine. Ik zit op een plastic tuinstoel in het voorportaal van de hel, oftewel een binnenspeeltuin, en ik denk aan hoe dat nou zit met tijdsbesef en vol verwondering iets voor het eerst kunnen ervaren. De reden dat ik mijn zevenjarige heb meegenomen naar deze plek heeft daar wellicht iets mee te maken. Dat ik hier niet graag ben geef ik volmondig toe. Kan ik ook lekker sarcastisch over doen, en geloof me; ik ga het niet laten, maar ik lieg er tegelijkertijd niks aan. Deze zaak draait op vermoeide ouders die kopjes koffie bestellen van twee euro per stuk, en die achteroverslaan alsof het vloeibaar goud betreft. Eigen consumpties zijn hier verboden. Neemt niet iedereen even nauw, maar ik vind dat als je meer dan één kind hebt, je alle regels aan je laars mag lappen. Behalve dan die opa daar, die al ruim een kwartier in de ogen van zijn kleindochter staat te flitsen.
Ik ben een devoot opvoeder. Mag ik best zeggen nu ik hier zit en mijn best doe op mijn allervriendelijkst te glimlachen. Gelukkig ken ik hier niemand. Voor ik het weet bevind ik me in een situatie waarin ik sociaal moet converseren, terwijl ik nu alleen maar aandacht kan opbrengen voor mijn naderende doodswens. Ik kan straks mooi in de ballenbak verderop begraven worden. Een eerste keer die volledig aan me voorbij zal gaan. Esthetisch valt hier overigens ook al niks te laven. Primaire kleuren overheersen, maar dan niet zoals in een abstract schilderij van Mondriaan. Een Mondriaan galmt niet, en stinkt ook niet naar urine.
Ik denk aan dat er nog zoveel nieuwe ervaringen zijn te beleven voor mijn zevenjarige. Dat er een tijd was waarin ik mijn lichaam liet zakken in een overvolle ballenbak en mijn zintuigen feestvierde. Maar ik vrees niet. De belofte op eerste keren ligt overal op de loer. Je moet het alleen willen zien, en belangrijker nog: willen ondergaan. Er is nergens meer belofte te vinden dan in een zweterige eerste keer. Een eerste kortstondige bekoring die de honger voor even stilt. En wanneer deze niet voorhanden is, dan kijk je gewoon naar een stel onbekende, en één bekend kind. Naar hoe ze zich lachend overgeven aan het onbekende van deze plek. De touwen. De klimladders. De glijbaan. Als kleine personages in een tot leven gekomen Mondriaan.

Een gedachte over “De eerste keer

  1. Dit vind ik een prettige zin: ” Eerste keren maken een werkelijkheid die los staat van tijd. ”
    Om over na te denken of het gewoon nog een keertje te lezen en je daarna dit berichtje sturen.
    ps. die speeltuin klinkt als een waardevolle inspiratiebron…

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s